Column VII 2017

KERKEN KIJKEN MAG, BIDDEN OOK

Deze weken trekken veel mensen
weer erop uit om tot rust te komen. 

Ze zwerven uit door het land,
door heel Europa
en sommigen zelfs nog verder. 

Een geliefde bezigheid
tijdens vakanties
is het bekijken van kerken. 

Ik doe het zelf ook graag.
Zeker in het buitenland
vind je prachtige exemplaren.
Maar vlak ook
ons eigen bisdom niet uit.

Sommige kerken trekken
tienduizenden bezoekers per jaar.

Om het belang van kerken
onder de aandacht te brengen,
is nu een landelijk campagne gestart
met als titel:
‘Het grootste museum van Nederland’.

Ongetwijfeld hebben
de initiatiefnemers dat goed bedoeld.
Maar de titel is niet gelukkig gekozen.

Een kerk is géén museum.
Het is Gods Huis.
Dat zien we aan de Godslamp,
die in elke katholieke kerk brandt.

Dat is het teken dat God daar woont.
Daardoor is een kerk
niet zomaar een gebouw,
maar een sacrale plaats.
Een plaats van gebed.

Kerken bezoeken mag. Graag zelfs.
Rondkijken mag ook.
Net als genieten van de kunst.

Maar laat uw oog dan ook even
op de Godslamp vallen,
die voor het tabernakel brandt,
en realiseer u in wiens Huis
u te gast bent.

Bij Hem vindt u echte rust.

+ Frans Wiertz,
bisschop van Roermond  

     
     
     
     
     
Susteren-Echt