Column VII 2016

ICOON VAN LIEFDE

Van alle namen
en eretitels die Maria heeft,
is die van Onze-Lieve-Vrouw
van Altijddurende Bijstand
misschien wel het bekendst.

Je komt de beeltenis overal tegen.
Bijna elke parochiekerk of kloosterkapel
heeft wel een afbeelding van deze icoon.

Er branden steevast heel wat kaarsjes bij.
Dat is logisch.
Wie heeft de hulp van Maria nou niet nodig?

Wat mij in de icoon het meeste treft,
zijn de handjes van het Jezuskind
in de beschermende hand van Maria.

Jezus schrikt van de martelwerktuigen
die de engelen Hem voorhouden.
Hij zoekt bescherming bij zijn moeder,
zoals elk kind zou doen.

Met zijn kleine vingers grijpt hij zich stevig
aan haar grote hand vast.
Niet krampachtig. Eerder vertrouwenwekkend.
Het is alsof Maria zegt: “Bij mij ben je veilig.”
Haar houding straalt één en al liefde uit. 

In een gebed dat de paters redemptoristen
dit jaar hebben gepubliceerd,
noemen ze Maria: een icoon van liefde.

Dat is mooi gevonden.
Maria is als Moeder Gods
letterlijk en figuurlijk een icoon van liefde. 

Zij is er als haar zoontje even beschutting zoekt.
Maar ze is er óók als Hij écht lijdt aan het kruis.
Als bijna al z’n vrienden zijn weggelopen,
blijft Maria. 

Als wij het moeilijk hebben
en ons door iedereen verlaten voelen,
mogen we op Maria rekenen
en onze handen in die van haar leggen. 
Als een icoon van liefde kijkt ze ons
troostend en begripvol aan. 

Een hele geruststelling.

+ Frans Wiertz
bisschop van Roermond 

     
     
     
     
     
Susteren-Echt