Driekoningen

Dit weekeinde (2 en 3 januari 2016) viert de Kerk het hoogfeest van de Openbaring des Heren. In de volksmond is het beter bekend als Driekoningen. Van origine wordt dit feest gevierd op 6 januari. Sinds de vernieuwing van de liturgie wordt het feest in Nederland gevierd op de zondag tussen 2 en 8 januari. We vieren dan dat Jezus aan de volkeren (gesymboliseerd door de drie koningen of wijzen) laat zien wie Hij is, vandaar ook de officiële naam: openbaring.

In de eerste vier eeuwen van het christendom bestond er geen kerstfeest op 25 december, maar werd op 6 januari het feest van Epifanie gevierd, de Openbaring van de Heer. Men herdacht dan op één dag de geboorte van Christus, de aanbidding door de wijzen uit het oosten en de doop van Jezus in de Jordaan. Sinds de opkomst van het kerstfeest aan het einde van de vierde eeuw, werd Epifanie opgesplitst in drie op afzonderlijke dagen gevierde, maar bij elkaar horende feesten: kerstmis op 25 december, Driekoningen of Openbaring des Heren op de twaalfde dag na Kerstmis en de Doop van de Heer in de Jordaan op de daaropvolgende zondag. In de Oosterse kerken is de inhoud van Epifanie op uitsluitend 6 januari gebleven, tot de dag van vandaag.

Het is niet bekend waarom Epifanie zowel in west als oost op 6 januari gevierd wordt. Aan de oosterse datering zou een ingewikkelde niet meer te achterhalen kalenderberekening ten grondslag hebben gelegen, die samenhing met de paasdatum. In het westen was 6 januari de afsluiting van de heidense midwintercyclus van dertien dagen. Zoals Kerstmis in de plaats kwam voor het zonnewendefeest, zo zou Driekoningen de plaats hebben ingenomen van de zogeheten Dertiendag.

Het aantal van drie 'koningen' of wijzen wordt in het evangelie niet vermeld. Dit aantal is wellicht ontstaan doordat er drie geschenken werden aangeboden: goud, wierook en mirre. Later is men de drie wijzen, die Jezus erkennen als de Verlosser, bovendien gaan zien als vertegenwoordigers van de drie toen bekende continenten: Azië, Afrika en Europa. Daarom zijn zij op afbeeldingen vaak respectievelijk bruin, zwart en blank.

Een legende vertelt dat de koningen besloten bij elkaar te blijven. De apostel Thomas zou hen nog hebben gedoopt. Zij ondernamen een reis naar Byzantium. Daar werden hun relieken in de twaalfde eeuw door Milanese rovers geroofd. Tenslotte kwamen die als relatiegeschenk in Keulen terecht. De relieken van Caspar, Melchior en Balthazar - zoals de wijzen genoemd worden - worden tot op de dag van vandaag bewaard in een fraai reliekschrijn in het priesterkoor van de Dom van Keulen.

Gebruiken
Rond Driekoningen zijn verschillende volksgebruiken ontstaan. Zo lopen kinderen op de avond voor Driekoningen zingend en verkleed met een kroon langs de deuren, één van hen heeft een zwartgemaakt gezicht. Ze dragen daarbij lampionnen en krijgen als beloning voor het zingen eten snoep en geld. De lampionnen zijn overblijfsel van een oude heidense gewoonte, waarbij men fakkels droeg om geesten te verjagen, zoals dat ook bij het Sint Maartensfeest of Halloween gebeurt. Het snoepgoed dat werd uitgedeeld stamt van heidense offermalen.

Een ander gebruik is de boon in een speciale Driekoningenkoek. Wie de boon in zijn stuk van de koek aantreft, mag die dag de koning, de baas in huis zijn. Ook dít is afgeleid van een heidens gebruik. De Germanen mochten in de twaalf nachten van de nieuwjaarsfeesten geen peulvruchten (hun hoofdvoedsel) eten en de 'heilige boon' betekende het einde van die vasten.

Bij kerken of in het kerkportaal werd rond Driekoningen een toneelstuk opgevoerd met Maria, Jozef, het Kind Jezus, de ezel, de os, Koning Herodes en de Drie Wijzen, naar het bijbelverhaal over de drie wijzen. Op verschillende plaatsen in Limburg trekt nog een Driekoningenstoet, zoals in en om de Onze ieve Vrouwebasiliek in Maastricht.

     
     
     
     
     
Susteren-Echt