Social Media

Aanmelden nieuwsbrief bisdom Roermond

* indicates required
Mailings bisdom Roermond

Hoogfeest van Kerstmis

1e lezing: Jes.9,1‑3.5‑6  
2e lezing: Tit.2,11‑14   
Evangelie: Lc.2,1‑14  

 

Leven voor de Ander

Vandaag willen wij er bij stil staan dat het geboortefeest van de Heer ons een andere dimensie van het leven laat zien. Namelijk hoe God met ons bezig is. Jezus werd geboren in een tijd die niet wezenlijk anders was dan de onze. Er waren mensen die macht hadden en deze ook koste wat het kost wilden behouden. Er waren ook mensen die geen verandering wilden uit onzekerheid of om angst voor hun positie en daarom alles wat nieuw en onbekend was van zich afschoven. 

Maar ook waren er van die eenvoudige mensen die niets te verliezen hadden en zich konden verheugen over de kleine en onaanzienlijke dingen van het leven: de geboorte van een kind. 

Dit moment doet mij denken aan een plaats in Amerika, waar de kerststal was opgezet, de kribbe echter nog leeg was. Zonder dat iemand wist wat er gebeurd was, lag de volgende dag een kind in de kribbe, een vondeling. Een aantal mensen was hierdoor zo geroerd, dat dit kind voor hen heel bijzonder werd: weerloos en klein. 

Zo openbaart God zich ook als een kwetsbare God. Paus Franciscus zei hierover: bij de geboorte van Jezus spreekt Gods liefde tot ons. Een kerststal is niet louter aankleding of versiering. Zij bevat een belangrijke boodschap. Jezus kwam om het leven met ons te delen en gevoel te krijgen voor wat wij in het diepst van ons hart verlangen. Onze wereld is belangrijk voor Hem. God verandert geen geschiedenis op revolutionaire wijze en wendt geen magische krachten aan. Maar Hij maakt zichzelf klein, klein als een kind om ons liefdevol naar zich toe te trekken en onze harten te raken met zijn oneindige goedheid. 

De herders stonden open voor de goede boodschap van de engel: “Heden is u een redder geboren, Christus de Heer, in de stad van David. En dit zal voor u een teken zijn: gij zult het pas geboren kind vinden in doeken gewikkeld en liggend in een kribbe.” De herders geloofden de engelen. Ze zeiden: “Komt laten we naar Bethlehem gaan om te zien wat er gebeurd is en wat de Heer ons heeft bekend gemaakt.” Snel gingen ze op weg en vonden Maria en Jozef en het pasgeboren kind. En zij werden getroffen door dat bijzonder mensenkind waarin Gods liefde zich aan ons openbaarde. 

Paus Franciscus gaat ons voor om in de arme en weerloze mensen het gelaat van Jezus te herkennen. Hij komt op voor de vluchtelingen, hij gaat eten met de armen, hij wil bruggen slaan tussen mensen van verschillende godsdiensten en zegt dat vrede pas echt komt als wij samen met elkaar op trekken. De stem van de weerloze werd ook de stem van Jezus. Hij hield de mensen een spiegel voor die macht en bezit belangrijk vonden. Hij legde daarmee de vinger op de zere plek. 

Zo roept paus Franciscus ons voortdurend op tot leven voor de Ander. Als mensen zich eenvoudig opstellen en zich niet boven de ander stellen worden onderlinge verhoudingen steeds beter. Wanneer mensen durven zeggen dat ze fouten maken, zal ook de ander geen schild meer gebruiken voor eigen zwakheid. Als mensen geraakt worden door armoede en verdriet en daar iets aan doen, zal er een verbondenheid ontstaan die alles met God te maken heeft. De bron van alle goedheid ligt bij God. Hij is liefde en waar liefde is, woont God. 

Kerstmis is een feest waarop we mogen zeggen: “Het kindje Jezus is alles voor mij.” In zijn kwetsbaarheid en afhankelijkheid zien wij wat onze plaats is tegenover God. Ook nu hebben wij de vrijheid om te kiezen. Wanneer wij kiezen voor wat God ons vanaf de schepping heeft meegegeven, is het paradijs niet langer een verloren zaak. Dan mogen wij eten van de goede vruchten en genieten van het mooie dat Hij ons heeft toevertrouwd.