Preek bij 40e Dies Natalis Grootseminarie Rolduc

Preek van bisschop Frans Wiertz tijdens de eucharistieviering bij gelegenheid van de 40e Dies Natalis van Grootseminarie Rolduc op maandag 8 december in de Abdijkerk van Rolduc te Kerkrade.

Hoogfeest van de Onbevlekte Ontvangenis van Maria

“Weet u of ze dit waardig zijn?,” zo vraagt een bisschop nuchter, als de rector van het seminarie hem verzoekt om een aantal kandidaten tot diaken of priester te wijden. De bisschop weet dat zijn wijdelingen mensen zijn en mensen blijven. Voor de taak die zij gaan vervullen, hoeven het geen supermensen te worden. Maar wel mensen die hun leven lang hun eigen leven naast dat van Jezus willen leggen, Hem willen navolgen en Zijn heilswerk voortzetten. En die zich daarbij ook laten inspireren door Maria, van wie wij vandaag mogen vieren dat zij de Onbevlekte is. En die daarom de hoogste roeping ooit gekregen heeft: moeder van Gods Zoon te worden.

Vandaag vieren wij dankbaar het 40-jarig bestaan van ons seminarie op het feest van Maria Onbevlekt Ontvangen, patrones van ons bisdom. Wie de Abdij Rolduc bezoekt, gaat bij de toegangspoort al aan haar beeld voorbij met de tekst: “Maagd, zonder erfsmet ontvangen, bescherm dit huis.” Wie een huis onder de bescherming van Maria plaatst, bidt om haar hemelse voorspraak.

Op een feestdag als vandaag willen we Maria vooral danken voor de genade die op haar voorspraak geschonken wordt aan mensen die hun leven in dienst van God willen stellen. Net zoals zijzelf gedaan heeft. Door de roepstem Gods – die haar door de engel Gabriel werd meegedeeld – werd Maria gevraagd om haar eigen toekomstplannen op te geven en haar leven vol vertrouwen in Gods hand te leggen. Hoeveel mensen met een roeping herkennen niet de schrik van Maria voor die ongewisse toekomst? Maar zij is hen voorgegaan vanaf die bijzondere dag in haar huis in Nazareth, tot onder het kruis van haar Zoon.

Te vaak hebben we Maria alleen gezien als nederige dienstmaagd. Ik zie haar liever als de vrouw met het sterke karakter, die trouw bleef. Ook toen iedereen wegvluchtte. Maria heeft zich haar uitverkiezing waardig getoond. Daarom is zij ons voorbeeld en onze voorspreekster.

“Weet u of ze de wijding waardig zijn,” luidt de vraag. Kunnen de wijdelingen het aan om op een levensweg, die vaak moeilijk zal zijn, net als Maria te leven in die trouw aan Jezus, haar Zoon? Kunnen ze, zoals Maria, hun leven in Gods handen leggen en voldoende vertrouwen? Kunnen ze het aan om nood te verdragen, zoals Maria? En blijven ze net als zij onder het kruis staan? Is er de voortdurende openheid voor de heilige Geest door gebed en ontvangst van de sacramenten?

“Weten de priesters of ze hun wijding waardig zijn? Weet het seminarie of het zijn taak waardig is?” Deze vragen mogen ook gesteld worden, nu dit seminarie zijn 40e verjaardag viert. De viering van een kroonjaar geeft reden tot vreugde en stemt tot nadenken. Allereest dank ik mijn voorganger, bisschop Gijsen,  dat hij het in 1974 aandurfde om deze priesteropleiding te stichten volgens de richtlijnen van het Tweede Vaticaanse concilie.We mogen intens dankbaar zijn voor de vele priesters die vanuit Rolduc de parochies ingetrokken zijn en die met een goede wetenschappelijke opleiding en spirituele vorming zich waardig tonen in Gods Kerk te werken. We mogen ons in dit bisdom nog rijk weten aan priesters, die in grote trouw aan Jezus Christus en Zijn Kerk en met liefde voor de mensen de Kerk door deze tijd heen leiden. Hier past grote dankbaarheid.

Mijn dank wil ik ook uitspreken in de richting van pater Van der Meer, die als eerste rector – meer dan wie ook – het beginnend seminarie concreet op de rails heeft gezet en leiding heeft gegeven aan de seminariegemeenschap. De priesters van de eerste jaren vertellen me regelmatig, dat ze het nog altijd als een voorrecht beschouwen om door ‘de pater’ opgeleid te zijn volgens de Jezuïetenwijsheid. In de parochies moeten je zelfstandig zijn en tot die zelfstandigheid heeft rector Van der Meer hen willen vormen.

Ik dank ook de opvolgers van pater Van der Meer: oud-deken Willemssen en de huidige rector Vries voor hun totale inzet. Hen dank ik bijzonder, omdat ze leiding moesten geven in moeilijke omstandigheden. 

Want als we terugkijken op 40 jaar seminariegeschiedenis, dan moeten we ook onder ogen zien, dat het niet allemaal goud was wat er blok. We weten dat Rolduc in opspraak raakte en zijn onschuld verloor. We weten ook, dat niet alle door Rolduc opgeleide priesters zich blijvend waardig betoonden. Daarom verloor het seminarie aan vertrouwen en stagneerde de toestroom van priesterkandidaten. Tegelijkertijd startten andere bisdommen eigen opleidingen, waardoor er van die kant geen aanmeldingen meer kwamen. Een terugloop van priesterkandidaten, weinig priesterwijdingen, ofschoon in mijn periode er toch een zestigtal zijn geweest: het was voor  mij als bisschop al die jaren een grote zorg. Ik ben blij dat ik vandaag deze zorgen eens met u – de priesters – kan delen.

Naast deze redenen die de terugloop aan studenten kunnen verklaren, is er ook het tijdsgewricht waarin we leven. U weet hoe er als het ware een tweede secularisatiegolf over West-Europa gaat. Ooit leek de katholieke cultuur voor continuïteit in geloofsbeleving te zorgen. Maar nadat eerst de biecht en de zondagseucharistie hun vaste plaats in het katholieke leven verloren, zijn de laatste 10 jaar ook het kerkelijke huwelijk, de uitvaart en de doop niet meer vanzelfsprekend. Het seminarie is onderdeel van diezelfde samenleving en kan daarom maar een gering aantal priesterkandidaten uit het eigen bisdom begroeten.

We mogen ook niet onvermeld laten, hoe de schandalen rond het misbruik van kinderen het vereiste klimaat tot het wekken van roepingen negatief beïnvloeden. Maar dat alles mag geen reden zijn om te gaan doemdenken of bij de pakken neer te zitten. Net als Maria worden we uitgenodigd trouw blijven aan onze opdracht, hoe moeilijk die soms ook is.

Er zijn ook tekens van hoop zichtbaar. Als bisdom Roermond zijn we lid van de universele Kerk. Dev wereldkerk is onze rijkdom. Daarom ben ik ertoe overgegaan om priesters uit andere landen welkom te heten. Voor kandidaten uit België, Duitsland en Frankrijk stond de deur al open. Deze lijn voortzettend, heb ik priesters uit de jonge kerken van India, Sri Lanka en de Filipijnen uitgenodigd om hier stekjes van hun vitaliteit te planten. Ik heb de Neokatechumenale Weg met hun wereldwijde netwerk een plaats in ons bisdom geboden. Met veel vertrouwen zie ik hoe zij hier hun inspiratie uitdragen.

Inmiddels ben ik in het 22ste jaar van mijn bisschopsambt. Natuurlijk weet ik welke taken ik als bisschop heb, maar ik weet ook dat ik dit bisdom alleen kan leiden, samen met u, de priesters. Met u, vandaag hier samen, wil ik mijn zorgen voor de priesteropleiding delen. Maar ook zoeken naar nieuwe wegen. Onze katholieke Kerk is een Kerk van Woord, Ambt en Sacrament. Wij gaan daarmee niet voorbij aan de vele goede christengelovigen, die het algemeen priesterschap beleven door zich dienstbaar te maken en daartoe Ook opleidingen te volgen zoals het TIR en de catechistenopleiding Kairos. In gesprekken met deze geëngageerde gelovige leken ervaar ik veel enthousiasme. De kerk van de toekomst moet geen clericale kerk zijn.

Maar de Kerk heeft ook steeds priesters nodig. Ik wil u daarom vragen: Durf over roepingen te spreken. Durf voor roepingen een voorbede te formuleren. Durf weer over het belang van de sacramenten te preken. Dat zal niet zonder uitwerking blijven, zo is mijn vaste geloof.

Roepingen hebben een voorbeeld nodig. Jonge mensen willen een priester zien van wie ze zeggen: Hij is zijn roeping waardig. Hij blijft zijn opdracht trouw. Hij straalt zijn innerlijk geluk uit in een verbondenheid met God en met de mensen. Laten we daarom op deze feestelijke dag ons bisdom toevertrouwen aan Maria. Zij is haar roeping alle dagen van haar leven waardig is geweest. Zij is ons voorbeeld en mag onze voorspreekster zijn. Amen.

+ Frans Wiertz
bisschop van Roermond

     
     
     
     
     
Susteren-Echt