Hemelvaart van de Heer

Preek van mgr. Wiertz bij gelegenheid van Hemelvaartsdag en Bevrijdingsdag,
5 mei 2016

1e Lezing: Hand. 1, 1 - 11                                       
2e Lezing: Ef. 1, 17 – 23  
Evangelie: Lc. 24, 46 – 53    

Vandaag is het 5 mei. In Nederland betekent dat: Bevrijdingsdag. Vandaag is het ook Hemelvaartsdag. We vieren dat Jezus voorgoed werd opgenomen bij zijn Vader in de hemel. Op een bepaalde manier lijken die twee feestdagen wel op elkaar. Hemelvaartsdag is ook een soort Bevrijdingsdag.

Gisteravond hebben we de doden herdacht. Vandaag vieren we het leven. Hemelvaart is nauw verbonden met het Paasmysterie, waarin we ook de overwinning vieren van het leven op de dood. Goede Vrijdag was een soort 4 mei: we stonden stil bij het kwaad en bij de dood. Met Pasen vierden we de Verrijzenis, de bevrijding uit de dood. Vandaag, Hemelvaart, is een volgende fase in het verrijzenisverhaal van Jezus.

Na Pasen is hij nog 40 dagen aan zijn leerlingen verschenen. In die tijd heeft hij vooral met hen over Gods Koninkrijk gesproken. Nu wordt hij voorgoed opgenomen in de hemel en staan zijn leerlingen er alleen voor om aan dat koninkrijk te bouwen. Het is als een land dat na een oorlog weer helemaal opgebouwd moet worden.

Rond 4 en 5 mei wordt altijd benadrukt dat iedereen in ons land een eigen verantwoordelijkheid heeft om de zwaar bevochten vrijheid wáár te maken. Niet voor niets luidt het motto van de nationale herdenking dit jaar: Hoe geef jij de vrijheid door? Diezelfde vraag mogen we ons ook in gelovig perspectief stellen. Jezus heeft het leven zwaar bevochten. Hij heeft het zelfs met de dood moeten bekopen. Maar hij heeft die dood overwonnen en ons het geloof in de verrijzenis geschonken. Dat is een hoopvol geloof. Een bevrijdend geloof. Het is het geloof dat het goede altijd overwint. 

Bij zijn Hemelvaart heeft Jezus zijn leerlingen een opdracht gegeven: namelijk om van dat bevrijdende geloof te getuigen. Die opdracht geldt nog steeds. Net zo goed als we de vrijheid mogen doorgeven, hebben we ook de opdracht om ons geloof door te geven. Want voor ons als gedoopte mensen hebben geloof en vrijheid altijd met elkaar te maken. We kunnen ons geloof uitdragen, omdat we in een vrij land wonen. Maar we mogen ons ook vrij voelen, omdat we geloven dat God bij ons is, alle dagen van ons leven. Precies zoals Jezus de apostelen bij zijn Hemelvaart beloofde.

Daarom heeft het geen zin om naar de hemel te staren. Want wat daar gebeurt, kunnen we toch niet zien. Maar we kunnen God wel in de wereld ontmoeten. We kunnen Zijn aanwezigheid ervaren in mensen die liefdevol met elkaar omgaan. Mensen die niet hechten aan macht of eigenbelang, maar net als Jezus de ander centraal stellen. En we mogen ons helemaal vrij voelen, als we zelf zulke mensen kunnen zijn. Dan stellen we Jezus en Zijn Blijde Boodschap present in de wereld van vandaag. Dan is Gods Koninkrijk niet meer iets van de hemel daarboven, maar dan bouwen we er samen aan in het hier en nu. Precies zoals Jezus gevraagd heeft.

Amen

     
     
     
     
     
Susteren-Echt