Preek bij bisschopsjubileum mgr Bacque

Preek van mgr. Frans Wiertz als seniorlid en vice-voorzitter van de Nederlandse Bisschoppenconferentie bij de viering van het zilveren bisschopsjubileum van oud-nuntius Francois Bacqué in de basiliek te Oudenbosch op zondag 1 september 2013.

Eerste lezing: Sir. 3, 17 – 18 + 20 + 28 – 29
Tweede lezing: Hebr. 12, 18 – 19 + 22 – 24a
Evangelie: Lc. 14, 1 + 7 – 14

Waar kun je in ons land het jubileum van iemand die heel nauw met de Petrusstoel van Rome verbonden is beter vieren dan in deze basiliek. Zoveel gelovigen, priesters en bisschoppen en een oud-nuntius bij elkaar in een kerk die een kopie is van de Sint Pieter. Dichter bij Rome en dichter bij de paus kun je in Nederland haast niet komen. Al weet ik niet of de nieuwe paus zo gecharmeerd is van de pracht en de praal die de échte Sint Pieter in Rome uitstraalt. In de eerste maanden van zijn pontificaat heeft hij zich toch vooral laten kennen als een man die van eenvoud houdt en die de armen en de zwakkeren voorop stelt.

Daarmee is paus Franciscus een man die helemaal past in het evangelie van vandaag. De oproep van Jezus tot bescheidenheid en nederigheid is hem vast en zeker uit het hart gegrepen. Waarbij het vooral gaat om het idee jezelf niet op de voorgrond te plaatsen.

Iemand die in ons land vele jaren op de achtergrond gewerkt heeft, is zonder meer onze jubilaris van vandaag, oud-nuntius aartsbisschop François Bacqué. Als vertegenwoordiger van de Heilige Stoel was u lange tijd een van de belangrijkste kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders van ons land. Toch heeft u zich nooit al teveel in het openbaar gemanifesteerd. Als bisschoppen hadden wij natuurlijk regelmatig contact met u, maar voor de meeste parochianen in ons land is een nuntius een onbekend persoon op afstand. Enerzijds is dat jammer. Vooral omdat u – mgr. Bacqué – een warme persoonlijkheid bent en een pastoraal bewogen mens. Ik denk dat u zelf ook altijd genoten hebt van de keren dat u in een parochie uitgenodigd werd om eucharistie te vieren. Anderzijds past die afstand bij het diplomatieke werk van een nuntius, die toch ambassadeur is. En laten we eerlijk zijn: welke burger kent nu de ambassadeur van Engeland of Frankrijk in ons land? Het past bij het diplomatieke werk om vooral op de achtergrond actief te zijn. Om niet meteen op de voorgrond te dringen. 

De boodschap die Jezus ons vandaag geeft, is dat het voor ons als gelovigen überhaupt beter is om bescheiden te zijn. Om niet meteen hoog van de toren te blazen, maar genoegen te nemen met de eenvoudigste plaats. Want het is altijd beter als iemand je uitnodigt en zegt: “Vriend kom hogerop,” dan wanneer je te horen krijgt: “Zeg, wie denk je wel dat je bent?” In die zin is het evangelie van vandaag niet alleen een moreel appèl op ieder van ons persoonlijk om onze plaats te kennen. Het is óók een oproep aan de héle kerkgemeenschap om vooral bescheiden te zijn en genoegen te nemen met de plek die ons wordt  toebedeeld.

Monseigneur Bacqué, vele malen hebben we samen gesproken over de situatie van de Kerk in Nederland, die zo heel anders is dan in Rome (waar u nu woont) en ook weer heel anders dan in uw vaderland Frankrijk. In Nederland hadden wij als katholieke kerk in een ver verleden een moeilijke positie. Daarna hebben we ons in een periode van emancipatie – zoals dat werd genoemd – een plek in de samenleving veroverd. Van lieverlee gingen we onszelf belangrijk vinden en namen we overal als vanzelfsprekend de voornaamste plek in. 

De afgelopen jaren zijn wij als kerk door de samenleving op onze plek gewezen. Heel vaak wordt dat negatief uitgelegd, als het verliezen van een positie, het verliezen van macht en aanzien. Maar met het evangelie van vandaag in de hand kunnen we dat alleen maar positief interpreteren. Wij horen als kerk niet overal op de eerste rij. We horen niet op de belangrijkste stoelen. Onze plaats is bij de zwakken en de armen in de samenleving. Naar hén heeft Christus ons uitgezonden.

De nieuwe paus – met wie wij allen verbonden zijn – gaat ons daarin voor. Hij wijst ons opnieuw de weg van het evangelie. Hij wijst ons dé Weg. Jezus Christus. Ons, als priesters en bisschoppen. Maar ook ons allen, als gedoopte en gelovige mensen. Als we de lezingen van vandaag goed tot ons laten doordringen, dan worden we vooral uitgenodigd om veel diplomatieker in het leven te staan. Om wel aanwezig te zijn, maar onszelf niet belangrijker te maken dan we zijn.

Zoals u – Mgr. Bacqué – in uw tijd als nuntius ook vooral op de achtergrond aanwezig was, aan de bel trok als het nodig was, maar niemand voor de voeten liep. Zo horen wij als kerk – als gemeenschap én als individuele gelovigen – niemand voor de voeten te lopen. Maar moeten we er wel zijn als mensen ons nodig hebben: diplomatiek, pastoraal bewogen en met gepaste bescheidenheid. Dat is wat Christus ons voorhoudt en waartoe we allemaal zijn uitgenodigd. Bisschoppen, priesters, religieuzen en lekengelovigen.

Christus is de weg van de nederigheid gegaan. En is dat niet tevens waar het aan schort in onze geseculariseerde wereld: dat weliswaar velen op zoek zijn naar God, maar er ook vaak heel vaag mee zijn, zich als het ware een God scheppen naar hun eigen beeld en gelijkenis ?  En de naam van Jezus Christus steeds minder wordt genoemd, en het voor velen kennelijk onmogelijk is om Hem te leren kennen, te leren beminnen en hem na radicaal na te volgen.  De weg naar God verloopt altijd door Hem en met Hem en in Hem.

Mgr. Bacqué, als gelovige, als priester en als bisschop, vertegenwoordiger van het Petrus ambt bent u die weg gegaan. En daarvoor zeggen we vandaag hier in Nederland God dank. Door Hém en met Hém en in Hém! Amen.

+ Frans Wiertz
bisschop van Roermond

     
     
     
     
     
Susteren-Echt