Preek b.g.v. 'Doop van de Heer'

Zondag 11 januari 2015 heeft bisschop Wiertz in zijn preek bij gelegenheid van het feest van de 'Doop van de Heer' in de Sint-Christoffelkathedraal in Roermond opgeroepen tot verzoening tussen religies n.a.v. de aanslagen die afgelopen week in Frankrijk zijn gepleegd.

1e Lezing: Jes. 42, 1 – 4 + 6 – 7                
2e Lezing: Hand. 10, 34 – 38
Evangelie: Mc. 1, 7 – 11  
 
Wat te zeggen op de zondag na zo’n verschrikkelijke aanslag in Parijs? Geweld – en zeker zulke gerichte aanslagen – zijn vanuit geen enkele religie te rechtvaardigen. Of je nu christen bent, moslim, jood, boeddhist of hindoe. Geen enkele wereldgodsdienst predikt geweld.
Wel wordt religie vaak misbruikt om geweld te rechtvaardigen. Maar dat is net zo fout als het geweld zelf.
 
Het past ons dan ook niet om na deze of andere misdaden – gepleegd door extreme vertegenwoordigers van één religie – alle aanhangers van die godsdienst te veroordelen. Van ons wordt op dit moment juist het tegenovergestelde gevraagd: dat wij mensen met een ander geloof en een andere cultuur de hand reiken en ons samen teweer stellen tegen extremisten, waar dan ook.

Ja, er zijn verschillen tussen godsdiensten. Het godsbeeld van moslims is anders dan het godsbeeld van christenen. Dat hoeven we niet te ontkennen en daar hoeven we niet voor weg te lopen. Maar in een beschaafde samenleving moet er ruimte zijn om mensen met een verschillende achtergrond in vrede naast elkaar te laten leven.

Als katholieke christenen zijn wij het aan ons eigen geloof en aan ons eigen geweten verplicht om “gerechtigheid te laten zegevieren,” zoals de profeet Jesaia in de eerste lezing van vandaag zegt. Vanuit ons christelijk perspectief is God een God van vrede, een God van barmhartigheid, een God van gerechtigheid. En nóóit een God van geweld.

Hoe anderen Zijn naam ook op een valse manier gebruiken, Hem bespotten of misbruiken voor hun eigen politieke doeleinden: het is ónze opdracht om Zijn boodschap van liefde te blijven uitdragen. Juist op het moment dat die boodschap achter de horizon van extremisme dreigt te verdwijnen.

Met Kerstmis hebben we gevierd dat God Zijn koninkrijk op aarde vestigde. Niet met een legermacht. Niet met parades. Maar via een kind in een kribbe. God is meer dan tweeduizend jaar geleden mens geworden op de meest kwetsbare manier die maar denkbaar is: Als een klein en hulpeloos kind,dat afhankelijk is van de zorg van anderen.

Zo kwetsbaar is God nog steeds. Want zoals Jesaia zegt: “Hij roept niet, Hij schreeuwt niet en op straat verheft Hij zijn stem niet.” God is nog steeds in de wereld aanwezig. Maar niet iedereen herkent Hem en niet iedereen wil Hem herkennen. De macht van het Kwaad probeert Hem zelfs onherkenbaar te maken. Daar mogen we niet aan toegeven.

De wereld kan God alleen maar leren kennen door mensen die Zijn boodschap van vrede en verdraagzaamheid blijven uitdragen. Vanuit welke cultuur of achtergrond ze ook komen. Maar zeker wij, als gedoopte mensen, zijn daartoe geroepen. Vandaag vieren we het feest van de Doop van de Heer. Toen Jezus opsteeg uit het water van de Jordaan hoorde Hij een stem die zei: “Gij zijt mijn Zoon.” Het was een bevestiging van wat we met Kerstmis al gehoord hadden: God is mens geworden in zijn Zoon Jezus. Via de Zoon kunnen we de Vader leren kennen.

De Zoon hebben we leren kennen als een liefhebbende en barmhartige man. Dan weten we dus ook hoe de Vader is: liefhebbend, barmhartig en altijd gericht op de zwakkeren. De doop van Jezus herinnert ons eraan dat wij door ons eigen doopsel óók kinderen van God geworden zijn. En dat wij iets van dat goddelijke mogen uitdragen in ons leven: Dat goddelijke is per definitie vredelievend en nooit, nóóit gewelddadig. 

Laten we vandaag heel bijzonder bidden voor de slachtoffers van Parijs. Maar laten we ook bidden voor mensen die dreigen te ontsporen. Dat zij op hun schreden terugkeren en beseffen dat terrorisme niets oplost. En laten we tenslotte in ons eigen leven goed rondkijken op welke wijze wij de boodschap van vrede, barmhartigheid en verdraagzaamheid kunnen uitdragen.

Amen.