Heilige Arnold Janssen

De Kerk gedenkt op 15 januari de heilige Arnold Janssen (1837-1909), een Duits missionaris en congregatiestichter die in Limburg leefde. Hij was de stichter van de Gemeenschap van het Goddelijk Woord, beter bekend als de Missionarissen van Steyl en van twee verwante zustercongregaties. Hij werd in 1975 zalig verklaard door paus Paulus VI en in 2003 gecanoniseerd door de zalige paus Johannes Paulus II. Hij ligt begraven in de kloosterkerk van Steyl.

Arnold Janssen werd op 5 november 1837 geboren in Goch aan de Nederrijn, nabij de Nederlandse grens, in een gezin van elf kinderen. Zijn ouders stuurde hem naar het Collegium Augustinianum Gaesdonck, een even daarvoor opgericht bisschoppelijk gymnasium annex kostschool. Na zijn eindexamen studeerde hij theologie. Op 15 augustus 1861 werd hij priester gewijd voor het bisdom Münster. Hij werd vervolgens leraar aan het Sint-George Gymnasium in Bocholt, waar hij zich spoedig de naam verwierf van een strenge en weinig geliefde docent.

Janssen werd in 1867 benoemd tot directeur van het gebedsapostolaat in het bidom Münster. In deze hoedanigheid streefde hij nadrukkelijk naar christelijke eenheid. Als een uiting daarvan golden de dagelijkse misviering aan het graf van de heilige Bonifatius in Fulda. Uitgangspunt daarbij was dat Bonifatius verantwoordelijk was voor de kerstening van alle christenen. Janssen ontwikkelde ook een grote belangstelling voor de missie. Vanaf 1873 gaf hij maandelijks Der kleine Herz-Jesu-Bote uit, een tijdschrift waarmee hij de belangstelling van Duitse katholieken voor de missie zocht op te wekken.

Janssen streefde de oprichting van een Duits missiehuis na, maar de omstandigheden waren in de jaren zeventig van de negentiende eeuw verre van ideaal. Onder leiding van Bismarck was de zogenoemde 'Kulturkampf' ontbrand, waarbij het moderne Duitse keizerrijk ten strijde trok tegen alles wat met de katholieke kerk geassocieerd werd. Met de zegen van de Duitse bisschoppen trok Janssen vervolgens naar het Limburgse Steyl, vlak over de Duitse grens, waar hij een pension kocht om zijn ambities te verwezenlijken.

Missionarissen van Steyl
In Steyl richtte Janssen in 1875 de gemeenschap op die tien jaar later de naam zou krijgen 'Gemeenschap van het Goddelijk Woord' (Societas Verbi Divini – SVD). Dit zou een grote missiecongregatie worden, later meer bekend onder de naam Missionarissen van Steyl. De missie richtte zich in eerste instantie op China. De congregatie legde vanaf het begin de nadruk op geloofsverkondiging, dialoog tussen verschillende culturen en inzet voor de armen. Om draagvlak voor zijn activiteiten te creëren, leek het Janssen nuttig om tijdschriften uit te geven. Daartoe stichtte hij al in de begintijd in Steyl een eigen drukkerij. De tijdschriften uit Steyl vormde een belangrijke Duitstalige informatiebron over de missie.
Al vrij snel na de opening van het missiehuis in Steyl, kon de jonge congregatie uitbreiden. Nieuwe vestigingen ontstonden in het, immers niet door de 'Kulturkampf' aangeraakte, Oostenrijk. In 1885 werd Janssen door het eerste generaal kapittel van de congregatie officieel aangewezen als algemeen overste.

Missiezusters
In Steyl had zich ook een grote groep vrouwelijke vrijwilligsters rond het missiehuis geformeerd. Ten behoeve van hen die dat wensten, richtte pater Janssen in 1889 samen met Maria Helena Stollenwerk een vrouwelijke congregatie op: de Dienaressen van de Heilige Geest (Servae Spiritus Sancti – SspS). In 1895 ondernamen zij hun eerste missie naar Argentinië. Deze zusters werd vanwege de kleur van hun habijt ook wel 'blauwe zusters' genoemd.
Een jaar later leek het Janssen nuttig om ook een comtemplatieve tak aan zijn kloosterfamilie toe te voegen. Hij stichtte de vrouwelijke congregatie van Dienaressen van de Heilige Geest van Altijddurende Aanbidding (Congregatio Servorum Spiritus Sancti de Adoratione Perpetua – SSpSAP). Later kregen ook deze zusters, die vanwege de kleur van hun habijt ook wel 'roze zusters' werden genoemd, vestigingen in de hele wereld.