Preek Paaswake 2014

Preek van bisschop Frans Wiertz tijdens de Paaswake in de Sint-Christoffelkathedraal te Roermond op zaterdag 19 april 2014

Soms hult het leven zich in duisternis. Dan lijkt het alsof de wereld om ons heen alleen maar zwart en donker is. 

We kennen allemaal van die momenten in ons leven: als een dierbare overlijdt; als iemand iets ergs overkomt; als vriendschappen uit elkaar vallen; of als we een hevige teleurstelling moeten verwerken. Het is dan alsof we in een donkere tunnel rijden, waaraan geen einde schijnt te komen. De nacht lijkt niet meer over te gaan in daglicht. Duisternis alom.

We maken dit als mensen mee in ons persoonlijk leven. We maken dit ook mee als Kerk, als geloofsgemeenschap. We zien om ons heen de groep van betrokken mensen kleiner worden. Soms moeten we kerken sluiten. Soms worden we geconfronteerd met verschrikkelijk nieuws uit eigen gelederen. Een diepe duisternis maakt zich dan van ons meester. Het licht lijkt voorgoed te zijn gedoofd. 

Zo zijn wij deze Paaswake ook begonnen. In duisternis. En de vraag was: hoe verder? 

Het was paus Johannes Paulus II die ooit gezegd heeft: “In het holst van de nacht, begint de nieuwe dag.” En warempel: in die kille, kale schemering van deze kathedraal werd opeens één vlammetje ontstoken. Heel klein. Maar omdat de kerk verder donker was, leek het heel fel te schijnen. We hoorden zingen: “Lumen Christi – Licht van Christus”. Toen wij in het diepste donker zaten, kwam Christus als het verlossende licht. 

U hebt gezien hoe het vlammetje zich van de ene kaars naar de andere verspreidde. Het ging letterlijk als een lopend vuurtje door de kerk. Alsof de vlammetjes elkaar influisterden: “Lumen Christi, Lumen Christi, Licht van Christus. Zegt het voort, zegt het voort.”

Afgelopen dagen hebben wij het lijdensverhaal van Christus op allerlei manieren gehoord. Hoe Hij Zijn kruis droeg. Hoe Hij stierf en in het graf werd gelegd. Alles leek voorbij. Zijn moeder, zijn leerlingen, iedereen was in zwaar verdriet gehuld. Maar in het holst van de nacht, begon ook voor hen de nieuwe dag. Want bij het ochtendgloren bleek het graf leeg. De steen was weggerold. Christus was verrezen. Het leven had de dood overwonnen. Het licht bleek sterker dan de duisternis.

Niet ondanks zijn lijden, maar juist dankzij het feit dat Christus niet voor het lijden wegliep, maar Zijn kruis oppakte, was hij in staat om – zelfs – de dood te overwinnen. Dát is de boodschap van Pasen. Wij maken in ons leven allemaal moeilijke momenten mee. Ieder van ons persoonlijk. En wij als geloofsgemeenschap, wij als Gods Volk onderweg. Die momenten doen pijn. Soms heel veel pijn. Maar het heeft geen zin om in de duisternis te blijven ronddolen. “Zoekt de levende niet bij de doden,” lezen we bij de evangelist Lucas. Christus is niet in het graf te vinden, niet in de dood, niet in duisternis.  

Als wij het geloof willen vinden, moeten we door het donker heen op zoek naar het licht. Letterlijk op zoek naar lichtpuntjes in ons leven. En als we die gevonden hebben, mogen we ze aan elkaar doorgeven, zoals we vanavond hier gedaan hebben. Samen zijn we in staat om voor een zee van licht te zorgen. Niet zomaar een lampje, niet zomaar een lichtje, maar Gods licht, het licht van Christus, het Lumen Christi. 

Ooit is het in ons hart ontstoken. Soms lijkt het gedoofd. Geblust. Maar als wij geloven in Christus, als wij geloven in Zijn kracht, dan kan dat licht weer oplaaien. Dan kunnen we de duisternis overwinnen. Dan kunnen we lijden en verdriet achter ons laten. Het is niet gemakkelijk. Het gaat niet vanzelf. Maar het kan wel. 

Kijk maar naar paus Franciscus, die ons elke dag opnieuw het voorbeeld geeft hoe wij het Licht van Christus in ons leven gestalte kunnen geven. Het vuur dat Hij uitstraalt, mogen wij overnemen en aan elkaar doorgeven. Het is waar! In het holst van de nacht begint de nieuwe dag. 

Laten wij reikhalzend uitzien naar het nieuwe licht, Het Licht van Christus. Zalig Paasfeest. Amen.

+ Frans Wiertz
bisschop van Roermond
 

 

 

 

1