De wondere weg van Slaven Brajkovic naar het priesterschap

Op 26 mei aanstaande wordt Slaven Brajković (41) in de kathedraal van Roermond tot priester gewijd. Hulpisschop Everard de Jong zal hem door handoplegging en gebed de wijding toedienen. Daarmee is de geboortige Kroaat de zesde seminarist van het – met de Neocatechumenale Weg verbonden - diocesaan seminarie Redemptoris Mater die in de laatste tien jaar deze wijding in ons bisdom mocht ontvangen. Een interview met de wijdeling.  Een intervie



‘Wie veel heeft ontvangen, kan veel geven’


“De Nederlandse taal leren kennen en kunnen spreken en schrijven, was een van de grootste uitdagingen in de voorbije tien jaren van mijn leven”, zegt kapelaan Slaven Brajković in zijn huidige thuisbasis, de pastorie van de parochie in Heer-Maastricht. Dat met een accent dat niet zwaarder is dan dat van een onvervalste Tukker bijvoorbeeld. ‘Chapeau’ daarvoor, zeg je dan in onvervalst Nederlands. Een woord dat direct het meest kenmerkende taalverschil tussen het Kroatisch en Nederlands aangeeft volgens Slaven: “Bij ons geldt ‘schrijf zoals je praat - piši kao što govoriš’. Wij zijn gewend aan een vrijwel fonetische spelling. Dan is het Nederlands toch wel heel lastig. Het spreken gaat me nu heel goed af, maar schrijven blijft een opgave, juist omdat spreek- en schrijftaal forse verschillen kennen.”

Verschillen op een ander, familiaal, niveau (of nivo…) was hij gewend. “Mijn vader stamt uit Istrië en mijn moeder uit Dalmatië. Twee verschillende streken met elk een eigen achtergrond, dialect, met culturele verschillen. Maar de liefde is grenzeloos, anders zat ik hier nu niet, nietwaar...? Geboren werd ik in Split (Dalmatië), maar na twee maanden vond ik me zelf terug in Pula (Istrië) waar ik samen met mijn zus opgroeide. Als ik terugkijk, kan ik wel stellen dat het een warm nest was waarin we rondfladderden. De basisschool – die duurt bij ons acht jaar – en de vierjarige middelbare school leverden geen problemen op. Integendeel: ik werd geschikt bevonden om naar de universiteit te gaan! Economie koos ik als studierichting. Geen bijster bijzonder goede keuze had ik al snel in de gaten. Dat vakgebied lag me helemaal niet, ik werd er gek van. Na een jaar stopte ik er dan ook mee.”

Nu zal hij bidden om goede keuzes te maken. Maar toen helemaal niet. Want hij had geen geloof, ook omdat hij het niet van huis uit had meegekregen. “Dat had zijn redenen”, blikt hij terug op zijn jonge jaren. “Ik ben opgegroeid in een tijd dat Kroatië als deel van Joegoslavië nog communistisch was. Mijn beide opa’s waren overtuigde communisten en moesten van geloof en Kerk niets hebben. Best wel apart in streken waar bijna 90 procent van de bevolking katholiek is. Hoe dan ook: mijn ouders waren niet gedoopt of anderszins gelovig opgevoed. Dus hebben zij op dit gebied ook niets aan ons doorgegeven. Ik droeg zelfs uit wat mij voorgehouden werd: de kerk, dat is niets voor mij. Dat is iets voor domme mensen. Ik wist niets van geloof of kerk af, zelfs niet hoe een kerk er van binnen uitzag, want ik had er nog nooit een voet over de drempel gezet. Dat gebeurde pas toen ik 25 jaar oud was."

In die tijd vond een ommekeer plaats. Maar die kwam niet zomaar tot stand. “Na mijn roemloze carrière aan de universiteit, ging ik werk zoeken. Dat vond ik in de cafébranche. En in het verlengde daarvan bracht ik veel van mijn tijd door met uitgaan, meisjes, probeerde ik drugs én drumde ik in een band waarmee ik ook concerten speelde. Ik zocht naar geluk en dacht het op die manier te kunnen vinden. Ik had alle vrijheid om te doen en laten wat ik wilde omdat ik op mezelf was gaan wonen. Maar dat vrije leven bracht me niet het geluk waarop ik hoopte. Dus kwam ik op een gegeven moment tot de conclusie dat ik mijn leven moest veranderen. Die kans kreeg ik via een vriend die me een heel andere weg wees: ‘ga een opleiding tot goudsmid volgen in Italië’. Ik greep die mogelijkheid aan, vooral omdat die opleiding dankzij subsidie vanuit de Europese Unie gratis was. Maar ook omdat het Italiaans mij niet vreemd was. Istrië heeft namelijk lange tijd onder grote Italiaanse invloed gestaan en veel inwoners zijn tweetalig. Ik dus ook en besloot ik de stap te wagen. En daar in Italië, daar heeft God mij gevonden…”

“God heeft mij verleid door een meisje”, vervolgt Slaven zijn verhaal. “Ik voelde me sterk door haar aangetrokken en we kregen verkering. Zij maakte mij duidelijk waar ze voor stond en welke grenzen zij niet wilde overschrijden. Ze bleek bijvoorbeeld een gelovige katholiek te zijn, die de zondagsplicht aanhield en niks zag in seks voor het huwelijk. Uit eigen beweging was ik nog nooit naar de kerk geweest of had ik catechese gevolgd, maar haar voorbeeld en mijn verliefdheid trokken me over de drempel. Dus kan ik zeggen dat God mij verleid heeft…”

De ‘verleiding’ hield maar niet op… Slaven daarover: “Een docent van onze privéschool nodigde ons uit om deel te nemen aan bijeenkomsten van de Neocatechumenale Weg. Had ik al niet willen gaan, mijn vriendin wel. Dus ging ik mee, want ik wilde doen wat zij deed. Tijdens die bijeenkomsten werd ik geraakt door het geloof en door het gelovig voorbeeld van die docent. En zeker: ik wist niks, maar dan ook helemaal niks van het geloof. Maar de catechese die gegeven werd was zo existentieel dat je er ook als niet gelovige heel wat van kon opsteken. Het belangrijkste wat ik langzaam maar zeker ging begrijpen en geloven: God houdt van me zoals ik ben en Hij heeft een plan met mijn leven.Nu zeg ik: dat was allemaal genade van God: Hij heeft mij naar Italië geleid, mij de ogen en oren geopend en het leven gegeven waardoor ik ontvankelijk kon worden voor zijn plan met mij. Mijn ontmoeting met de Neocatechumenale Weg past helemaal in dit beeld. Want als ik als ongelovige gewoon aan vieringen in de kerk was gaan deelnemen, waar ik niets van zou snappen, dan was ik al gauw afgehaakt. De gemeenschap gaf structuur, houvast en een catechese die een goede bodem en voedingsboden aan mijn ontluikend geloof bood.”

Slaven merkte dat plannen maken noodzakelijk is, maar toch mensenwerk blijft. Na zijn opleiding zag hij een toekomst voor zich als edelsmid in Italië. Maar hij moest meemaken dat het sentiment in de richting van buitenlanders in het land bepaald ijzig werd. Dus voelde hij zich gedrongen terug te keren naar zijn vaderland. En kwam tevens een einde aan de verkering met zijn vriendin die hem op het spoor van het geloof had gezet…

Maar zijn geloof ging mee over de Adriatische Zee: hij wilde gedoopt worden! “Via een vriend kwam ik met dat verzoek bij een pastoor. Ter voorbereiding moest ik een cursus volgen, maar de cursus in de parochie die daarvoor geschikt was, was net afgelopen. Dus verwees hij me door en kwam ik terecht bij… het internationaal seminarie Redemptoris Mater van de Neocatechumenale Weg dat ook in Pula bleek te bestaan! Honderd meter van mijn huis…! Ik werd er verder onderwezen in het geloof, zag hoe de leden van de gemeenschap leefden en vond het mooi, voelde me ertoe aangetrokken. Tijdens een bijeenkomst van stichter Kiko Argüello met vele jongeren werd het mij steeds duidelijker: de aanwezige jongeren werden opgeroepen om op te staan en naar voren te komen als zij roeping voelden om priester of religieus te worden, om hun leven aan God te geven. Dat deed ik! Het duurde nog een tijdje waarin ik twijfelde, dan ‘welles’ de overhand had en dan weer ‘nietes’, maar uiteindelijk wist ik wat mijn roeping was. Ik werd wel nog eerst gedoopt. In de paasnacht in 2005. Onvergetelijk mooi… “

Aangemeld en toegelaten tot het seminarie volgde weldra de voor de Neocatechumenale Weg kenmerkende loting… Slaven daarover: “Je kiest niet zelf voor een bestemming. Je laat God zelf dat kiezen! Het is uiteindelijk Hij die een plan heeft met jouw leven. Als kandidaat ben je beschikbaar om waar ook ter wereld te gaan om daar tot priester opgeleid en gevormd te worden. Door middel van loting worden alle kandidaten naar verschillende bestemmingen gestuurd. Zelf had ik gedacht en gehoopt om buiten Europa terecht te komen, maar het lot bepaalde anders en werd het dus Nederland”.

In januari 2008 arriveerde de seminarist in ons land. Om de taal te leren ging hij eerst naar het met het Neocatchumenaat verbonden diocesaan grootseminarie van het bisdom Haarlem-Amsterdam in Nieuwe Niedorp. Hij zag er als een berg tegenop en schijnbaar terecht want hij zegt: “Ik luisterde veel naar de radio om de taal te leren. Maar ik dacht in het begin: wat is dat voor een taal, die zal ik nooit leren! Maar God heeft me de genade gegeven om het Nederlands toch vrij snel onder de knie te krijgen. Daardoor kon ik in oktober van dat jaar al de studie beginnen in Rolduc. In Limburg ben ik me meer en meer thuis gaan voelen. Het is hier rustiger en prettiger leven dan in Holland. Nee, ik voel me meer Limburger dan Hollander…”

Op de weg naar het priesterschap vond na jaren van voorbereiding en vorming in oktober van verleden jaar de diakenwijding plaats. Vooral de reacties van zijn familie springen er in zijn herinnering bovenuit. “In de dagen dat ik mijn familie vertelde dat ik priester wilde worden, vroegen zij zich hardop af of ik gek was. ‘Je bent een onstabiele jongen’, zeiden ze en ik moet toegeven, daar hadden ze niet helemaal ongelijk in. Maar zoals ik gegroeid ben in mijn geloof, groeiden zij met mij mee omdat ze merkten dat ik gelukkig was.

Bij de diakenwijding waren ze bij wijze van spreken blijer dan ik. Omdat zij zagen, voelden en meemaakten wat de kerk is: een gemeenschap van broeders en zusters. Ze weten verder helemaal niets van het geloof maar de eenheid en liefde die zij rond die gelegenheid gezien en ervaren hebben, dat maakte hen ongelofelijk blij. Ik hoop dat het bij de priesterwijding ook het geval zal zijn.

Ik ben er in ieder geval klaar voor om de kerk in het bisdom Roermond te dienen. Als een levend bewijs van de stelling dat God wonderlijke wegen kan gaan met een mens. Veel heeft Hij me moeten vergeven voordat ik deze weg kon gaan, maar wie ontvangt kan ook geven. Ik heb heel veel van Hem ontvangen en hoop vanuit dat geloof heel veel aan Hem en aan de mensen die Hij liefheeft te kunnen geven. Dienaar zijn: het lijkt me machtig mooi!”

Overgenomen uit het meinummer van bisdomblad De Sleutel

     
     
     
     
     
Susteren-Echt