Social Media

Aanmelden nieuwsbrief bisdom Roermond

* indicates required
Mailings bisdom Roermond

Zondag 13 september 2020 – 24e Zondag door het jaar

1e lezing: Sir.27,30‑28,7 
2e lezing: Rom.14,7‑9  
Evangelie: Mt.18,21‑35  

 

Van harte vergeven

Wat kost het ons mensen vaak moeite om iemand te vergeven. Hoeveel ruzies woekeren niet voort, omdat wij onbuigzaam zijn en de weg naar de verzoening blokkeren. Vredesbemiddelaars lijken soms op een roepende in de woestijn. Hun inspanningen blijven vaak zonder vrucht. In het Heilig Land bijvoorbeeld hebben mensen zich onderling zoveel aangedaan, dat een verzoening niet langer mogelijk lijkt. Dat zien wij echter ook dichter bij huis. Mensen zeggen meer dan eens: na alles wat er is voorgevallen, is er voor mij geen weg naar verzoening terug mogelijk.

Ook onder christenen zie je meer dan eens een onverzoenlijke houding. Welnu, het evangelie van deze zondag toont heel duidelijk: een onverzoenlijke houding is onverenigbaar met het evangelie: "Neen, zeg Ik u, niet tot zevenmaal toe maar tot zeventigmaal zevenmaal." Is dit alles niet te moeilijk? Heeft de geschiedenis in het groot of in het klein niet bewezen, dat wij het Evangelie op dit onderwerp als wereldvreemd mogen beschouwen? Is het misschien niet verstandiger om als christenen dan maar te proberen zo goed mogelijk te leven met ruzies en conflicten?

Op deze vraag geeft het evangelie een duidelijk antwoord en wel aan de hand van een gelijkenis: "Toen bracht men iemand bij hem die tienduizend talenten schuldig was..." Een talent is zesduizend denaries. En een denarie betekende een heel dagloon. Tienduizend talenten betekende dus een duizelingwekkend bedrag. Zo voelen mensen soms ook het onrecht aan, dat anderen hun hebben aangedaan. Toch spreekt Jezus hier bij die tienduizend talenten niet over wat wij mensen elkaar verschuldigd zijn. Dat komt pas verderop in het evangelie ter sprake. En dan wordt er nog slechts gesproken over honderd denaries, het vijfhonderdste deel van die tienduizend talenten. Op zich nog geen gering bedrag: het betekent namelijk honderd daglonen dus een derde van een jaarinkomen.

Terug naar die tienduizend talenten. Het evangelie spreekt hier ook over schulden, waarvan wij zouden zeggen: teveel om te vergeven. Wie zijn die schuldenaars? De grote misdadigers uit de Tweede Wereldoorlog misschien of de verantwoordelijken voor de etnische zuiveringen in Joegoslavië? Neen, wij kunnen ons hier gerust zelf invullen. Het zijn onze schulden, maar dan naar God toe.

Zijn die dan zo groot? Hebben wij zoveel misdaan? Mensen zeggen meer dan eens: wat zou ik nog biechten, ik doe niets verkeerd! Bij die tienduizend talenten staat echter niet zozeer voorop wat wij misdaan hebben. Het gaat er veeleer om: tegen Wie. Een blik op het kruis zou voldoende moeten zijn om dat te beseffen. God heeft immers zijn Zoon niet willen sparen toen Hij voor ons verzoening wilde bewerken.

De parabel van vandaag nodigt ons uit daarover na te denken, alvorens wij opnieuw kijken naar wat anderen ons misschien verschuldigd zijn. In Jezus' kruisdood ligt namelijk het fundament voor onze onderlinge verzoening. Indien God zover wil gaan dat Hij zijn Zoon offert om ons de verzoening te schenken, in welke verhouding liggen dan nog de onderlinge geschillen! Een intense beleving van onze verzoening met God, dat vieren wij hier in de kerk. Het is het fundament om elkaar van harte te kunnen vergeven. Wij vieren daarom samen Eucharistie. Dat wij elkaar geven, wat wij hier ontvangen: vergeving! Moge de Communie ons daartoe kracht geven.

Tekst: Bezinning op het Woord, inleidende teksten bij de dagelijkse liturgie