Zondag 26 april 2026 – 4e Zondag van Pasen | Roepingenzondag
1e lezing: Hand.2,14a.36-41
Tussenzang: ps.23,1-6
2e lezing: 1 Petr.2,20b-25
Evangelie: Joh.10,1-10
Geborgen
De schapen luisteren naar de stem van de herder. Het gaat om iets dat er bestaat tussen de herder en zijn schapen. Herkenbaar voor Jezus’ toehoorders, vanouds een herdersvolk, ervan op de hoogte hoe herders met hun dieren omgingen, hoe ieder schaap merkwaardigerwijze feilloos de stem van zijn herder herkent.
De stem van de herder heeft voor het schaap een unieke identiteit, zoals een vingerafdruk. Zoiets, zegt Jezus, is er tussen Hem en ieder van ons. Al die stemmen die er dagelijks op je afkomen, van mensen uit je omgeving, mensen die voor je zorgen, zoveel stemmen, en tussen al die stemmen de stem van Jezus. En als ze Hem volgen, als Hij al zijn schapen naar buiten heeft gebracht, trekt Hij voor ze uit, en zij volgen Hem omdat zij zijn stem kennen.
Weg uit de ballingschap, weg uit de vervreemding, weg uit de slavernij, uit je eigen ik. Je raakt niet vervreemd van jezelf, integendeel, je wordt door die stem op een diepere manier aan jezelf terug geschonken. En dat wordt weergegeven met de woorden 'leven in overvloed'. Dat is eeuwig leven: dat geen einde heeft, dat duurzaam is.
Door Jezus heen, door de stem van Jezus heen, beluistert u het timbre van Gods vaderzorg. Daarin kunt u zich helemaal veilig voelen. Helemaal geborgen. Wat je niet kunt overzien, waaraan je je niet kunt toevertrouwen, als de Vader erachter staat, kan het wel. Hij overziet heel die onmetelijke kudde van het menszijn, en door Jezus, zijn eigen stem, laat Hij die tot zich komen, om Jezus, zijn Zoon, te volgen en zo het menszijn met God deelachtig te worden.
Tekst: Bezinning op het Woord, inleidende teksten bij de dagelijkse liturgie

